ECLI:NL:RBZWB:2024:6876
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag BPM en immateriële schadevergoeding wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende heeft een gebruikte Renault Scenic uit het buitenland ingevoerd en aangifte gedaan voor BPM op basis van een taxatierapport. De inspecteur legde een naheffingsaanslag van €901 op, welke het bezwaar ongegrond verklaarde. Belanghebbende stelde dat geen rekening was gehouden met een waardevermindering door schadeverleden, maar de rechtbank oordeelde dat dit niet aannemelijk was gemaakt.
De rechtbank stelde vast dat de redelijke termijn voor behandeling van bezwaar en beroep met circa 17 maanden was overschreden, waardoor belanghebbende recht heeft op een immateriële schadevergoeding van €1.500. Daarnaast werd proceskostenvergoeding toegekend voor de rechtsbijstand en het griffierecht.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar veroordeelde de inspecteur tot betaling van de immateriële schadevergoeding, proceskosten en griffierecht. De uitspraak is gedaan door rechter V.A. Burgers op 9 oktober 2024 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag BPM is ongegrond verklaard, maar belanghebbende krijgt een immateriële schadevergoeding en proceskosten toegekend wegens termijnoverschrijding.