ECLI:NL:RBZWB:2024:7257
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Eiser, voormalig medewerker boomkwekerij, vroeg een WIA-uitkering aan wegens psychische klachten en fysieke beperkingen. Het UWV weigerde deze uitkering omdat eiser volgens hun medische beoordeling slechts 6,31% arbeidsongeschikt is, wat onder de vereiste 35% ligt.
De rechtbank beoordeelde het medisch dossier, inclusief rapporten van verzekeringsartsen en een psycholoog, en concludeerde dat de beperkingen van eiser adequaat zijn vastgesteld in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML). De door eiser ingebrachte aanvullende medische onderbouwing en een eigen verzekeringsarts konden het oordeel van het UWV niet weerleggen.
Ook de arbeidsdeskundige selectie van passende functies werd door de rechtbank aanvaard. De berekening van de mate van arbeidsongeschiktheid op basis van deze functies leidde tot minder dan 35% arbeidsongeschiktheid. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en blijft de weigering van de WIA-uitkering in stand.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.