ECLI:NL:RBZWB:2024:7260
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM wegens juiste vaststelling historische nieuwprijs en handelsinkoopwaarde
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag BPM van €6.361 opgelegd door de inspecteur. De kern van het geschil betrof de juiste vaststelling van de historische nieuwprijs, de handelsinkoopwaarde en de waardevermindering wegens schade van een Chrysler Town & Country.
De rechtbank oordeelde dat de historische nieuwprijs vastgesteld moet worden op €92.083, gebaseerd op de netto catalogusprijs van een vergelijkbare referentieauto uit de koerslijst, vermeerderd met BTW en de historische bruto BPM. De handelsinkoopwaarde werd vastgesteld op €7.387, conform de koerslijst van Eurotax, waarbij de inspecteur onvoldoende onderbouwing gaf om deze te betwisten.
Wat betreft de waardevermindering wegens schade stelde de rechtbank vast dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat een hogere waardevermindering dan door de inspecteur gehanteerd (€713) gerechtvaardigd was. Normale gebruiksschade werd niet in mindering gebracht. De naheffingsaanslag werd daarom verminderd naar €4.480. Tevens werd een immateriële schadevergoeding van €500 toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn, waarvan €300 voor rekening van de inspecteur en €200 voor de Staat. Proceskosten en griffierecht werden aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd naar €4.480 en belanghebbende krijgt een immateriële schadevergoeding toegekend.