Belanghebbende B.V. heeft beroep ingesteld tegen een uitspraak van de inspecteur van de belastingdienst over de BPM-heffing op een auto. De rechtbank beoordeelt het beroep zonder zitting omdat het griffierecht niet is betaald.
De griffier heeft belanghebbende tweemaal schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €365,- en een betalingstermijn gesteld. Ondanks ontvangst van de aanmaning heeft belanghebbende het griffierecht niet voldaan en geen verontschuldiging gegeven voor het verzuim.
De rechtbank oordeelt dat het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk is en dat het bestreden besluit in stand blijft. Tevens wijst de rechtbank het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn af, conform de jurisprudentie van de Hoge Raad.
De uitspraak is gedaan door rechter S.J. Willems-Ruesink en griffier W. Dekkers op 29 oktober 2024 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.