ECLI:NL:RBZWB:2024:7387
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Bastiaansen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling inspecteur tot proceskostenvergoeding en immateriële schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn
Belanghebbende maakte bezwaar tegen meerdere belastingaanslagen loonbelasting en omzetbelasting over diverse tijdvakken. De inspecteur verklaarde de bezwaren aanvankelijk niet-ontvankelijk, waarna belanghebbende beroep instelde. Tijdens de procedure heeft de inspecteur op 15 december 2023 de bezwaren gegrond verklaard en de aanslagen, belastingrente en boeten vernietigd, tevens werden bezwaarkosten en immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn toegekend.
Naar aanleiding van deze tegemoetkoming trok belanghebbende de beroepen in en verzocht de rechtbank om veroordeling van de inspecteur tot vergoeding van proceskosten, griffierecht, immateriële schade en rentevergoeding bij niet-tijdige betaling. De rechtbank oordeelde dat de inspecteur aan belanghebbende was tegemoetgekomen en kende een proceskostenvergoeding toe van €2.625, gebaseerd op de samenhangende behandeling van de zaken.
Daarnaast werd een immateriële schadevergoeding van €1.500 toegekend wegens een overschrijding van de redelijke termijn van 15 maanden, waarbij reeds toegekende schadevergoedingen in mindering worden gebracht. De rechtbank bepaalde dat bij niet-tijdige betaling van de vergoedingen wettelijke rente verschuldigd is vanaf vier weken na de uitspraakdatum. Ook werd de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: De inspecteur is veroordeeld tot betaling van proceskosten van €2.625, immateriële schadevergoeding van €1.500 en griffierecht, met rentevergoeding bij niet-tijdige betaling.