Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het rijden van 6 km per uur te hard op een autosnelweg buiten de bebouwde kom, vastgesteld door trajectcontrole op 25 september 2022. Betrokkene stelde beroep in bij de officier van justitie, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege te late indiening.
Betrokkene stelde vervolgens beroep in bij de kantonrechter. Tijdens de zitting op 8 oktober 2024 verscheen betrokkene niet. De kantonrechter overwoog dat het beroep bij de officier van justitie binnen zes weken na de overtreding had moeten worden ingediend, maar pas op 13 januari 2023 werd ontvangen, wat te laat is.
Volgens artikel 6:11 Awb Pro kan een te laat ingediend beroep toch ontvankelijk zijn als het betrokkene niet kan worden toegerekend. Betrokkene slaagde er echter niet in bijzondere omstandigheden aan te tonen die het te laat indienen rechtvaardigen. Daarom werd het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard wegens te late indiening van het beroep bij de officier van justitie.