ECLI:NL:RBZWB:2024:8008

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
21 oktober 2024
Publicatiedatum
22 november 2024
Zaaknummer
11174335 \ MB VERZ 24-962
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)RVV 1990
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond verklaard tegen verkeersboete wegens overtreden eenrichtingsverkeer

Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het handelen in strijd met een geslotenverklaring (eenrichtingsverkeer) op de Bosscheweg te Tilburg op 8 februari 2023. Betrokkene stelde beroep in tegen de boete, stellende dat de situatie ter plaatse verwarrend was door de plaatsing en oriëntatie van verkeersborden. Tevens werd aangevoerd dat betrokkene in de hoorplicht was geschaad door een afgewezen verzoek tot verplaatsing van de hoorzitting.

De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond en de kantonrechter behandelde de zaak op 21 oktober 2024. Uit de verklaring van de verbalisant en de bijgevoegde foto's bleek dat het verkeersbord duidelijk zichtbaar was en correct was geplaatst. De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststond en dat de bebording voldoende duidelijk was.

De kantonrechter zag geen reden om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant of om de boete te matigen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Tevens werd het verzoek om proceskostenvergoeding niet toegekend. De uitspraak werd openbaar gedaan en betrokkene werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep binnen zes weken.

Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Tilburg
zaaknummer : 11174335 \ MB VERZ 24-962
CJIB-nummer : 5062 5422 5566 3250
uitspraakdatum : 21 oktober 2024
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene
gemachtigde : [gemachtigde]

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 21 oktober 2024. Namens de officier van justitie is verschenen mr. A. de Vreeze (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Gemachtigde is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: handelen in strijd met een geslotenverklaring (bord C2 van het RVV 1990 eenrichtingsverkeer) op de Bosscheweg (parkeerplaats winkels) te Tilburg op 8 februari 2023 om 17:13 uur.
Gemachtigde heeft namens betrokkene in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. De ingang van de parkeerplaats is een eenrichtingsweg. Betrokkene wilde vanuit de andere kant de parkeerplaats verlaten, waardoor voor meneer de ingang van de parkeerplaats de uitgang leek. Het verkeersbord dat het een eenrichtingsweg betrof stond aan de andere kant. Ook stond er een verkeersbord de verkeerde kant op, waardoor het voor betrokkene niet duidelijk was wat voor bord het betrof. Gemachtigde wilde de hoorzitting verplaatsen, maar had daar geen terugkoppeling van het CVOM op gekregen. Hierdoor ging gemachtigde ervan uit dat het verzoek was toegewezen. Het verzoek bleek te zijn afgewezen, waardoor betrokkene is geschonden in de hoorplicht. De officier van justitie heeft op basis van de beschikbare informatie een beslissing genomen. Voorts verzoekt gemachtigde om een proceskostenvergoeding. Ter zitting heeft gemachtigde hieraan verder niets toegevoegd.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. De verbalisant heeft foto’s gemaakt van de situatie ter plekke. Uit de foto blijkt dat het bord duidelijk zichtbaar was en naar de juiste richting wees.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier - met name uit de verklaring van de verbalisant - voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht.
In zaken op grond van de Wahv biedt de verklaring van de verbalisant in beginsel voldoende grondslag voor de vaststelling dat de gedraging is verricht. Dat is anders indien de betrokkene voor zijn zaak specifieke feiten en omstandigheden aanvoert, die aanleiding geven om te twijfelen aan de juistheid van die verklaring of indien dergelijke feiten en omstandigheden uit het dossier blijken.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd geen aanleiding om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant. De bebording was voldoende duidelijk.
De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

Beslissing

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier L.I.M. Appels, en in het openbaar uitgesproken op 21 oktober 2024.
Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 90008, 4800 PA Breda. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum verzending: