Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 437,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het rijden op het voetgangersgebied van de Nieuwlandstraat te Tilburg op 1 april 2022. Betrokkene stelde dat de verkeerssituatie onduidelijk was en dat er sprake was van een verkeersfuik, waardoor de boete niet redelijk zou zijn. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond.
De kantonrechter oordeelt dat de gedraging vaststaat en dat sinds 3 november 2021 de verkeerssituatie voldoende duidelijk is, zodat de boete terecht is opgelegd. De eerdere jurisprudentie over de Nieuwlandstraat wordt overgenomen, waarin is vastgesteld dat boetes vanaf die datum niet onrechtmatig zijn.
Wel is de redelijke termijn van behandeling van het beroep overschreden met zes maanden, waardoor de boete wordt gematigd met 25%. Daarnaast wordt een proceskostenvergoeding toegekend aan betrokkene. De officier van justitie wordt opgedragen het teveel betaalde bedrag terug te betalen.
Uitkomst: De boete wordt gematigd met 25% wegens overschrijding van de redelijke termijn en betrokkene krijgt proceskostenvergoeding.