Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.De zaak in het kort
2.De procedure
3.De feiten
Verbruiksbelastingen en/of Accijnzen
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze civiele vrijwaringszaak vordert [eiseres] B.V. dat Basis Groothandel B.V. wordt veroordeeld tot vergoeding van de schade die [eiseres] lijdt door een naheffingsaanslag verbruiksbelasting opgelegd aan Soda Shop, haar afnemer van frisdrank. De rechtbank heeft in een eerdere hoofdzaak vastgesteld dat partijen waren overeengekomen dat de verbruiksbelasting inbegrepen was in de koopprijs en dat [eiseres] tekort is geschoten in haar verplichting tegenover Soda Shop.
[ Eiseres ] stelt dat Basis Groothandel, van wie zij de frisdrank heeft betrokken, haar moet vrijwaren omdat ook tussen hen dezelfde afspraak gold. Basis Groothandel betwist dit en voert onder meer aan dat zij niet de juiste partij is en dat de belasting mogelijk door haar leverancier is voldaan. De rechtbank oordeelt dat [eiseres] ontvankelijk is en voldoende heeft onderbouwd dat de leveringen van Basis Groothandel afkomstig zijn en dat de verbruiksbelasting niet is afgedragen.
De rechtbank wijst het verweer van Basis Groothandel af, stelt dat zij tekort is geschoten in haar contractuele verplichtingen en veroordeelt haar tot betaling van de schade van €56.893,00. Tevens worden de proceskosten aan de zijde van [eiseres] toegewezen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Basis Groothandel is aansprakelijk en moet €56.893 schadevergoeding aan [eiseres] betalen wegens niet-afdracht verbruiksbelasting.