ECLI:NL:RBZWB:2024:8378
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen rekening motorrijtuigenbelasting
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een rekening motorrijtuigenbelasting (MRB) over de periode van 15 januari 2024 tot en met 14 april 2024, stellende dat het voertuig geschorst was. De inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat tegen een rekening MRB geen bezwaar mogelijk is. De rechtbank bevestigt dit oordeel en overweegt dat de MRB een belasting is die op aangifte moet worden voldaan vóór aanvang van het tijdvak. De rekening fungeert slechts als herinnering aan de betalingsverplichting en is geen beschikking waartegen bezwaar kan worden gemaakt.
De rechtbank benadrukt dat het ontbreken van bezwaar tegen de rekening niet betekent dat belanghebbende geen rechtsbescherming geniet. Indien de belasting wordt voldaan, kan bezwaar worden gemaakt tegen die aangifte; bij niet betaling kan een naheffingsaanslag worden opgelegd waartegen bezwaar en beroep openstaan. De rechtbank verklaart het beroep daarom kennelijk ongegrond en bevestigt de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar.
De uitspraak is gedaan zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro en is openbaar gemaakt op 6 december 2024 door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar tegen de rekening motorrijtuigenbelasting wordt ongegrond verklaard.