ECLI:NL:RBZWB:2024:846

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
13 februari 2024
Publicatiedatum
14 februari 2024
Zaaknummer
02-029377-22 (herstel)
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6 WegenverkeerswetArt. 8 Wegenverkeerswet
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelvonnis met rijontzegging wegens zwaar lichamelijk letsel en gecombineerd middelengebruik

Op 13 februari 2024 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant een vonnis gewezen in een strafzaak tegen verdachte, waarbij sprake was van een misslag in de oorspronkelijke uitspraak. De rechtbank constateerde dat de opgelegde ontzegging van de rijbevoegdheid van drie jaar, met aftrek van de tijd dat het rijbewijs was ingevorderd, niet was opgenomen in de beslissing van het vonnis.

In dit herstelvonnis wordt deze misslag hersteld door de rijontzegging alsnog toe te voegen aan de straf. De rechtbank benadrukt dat deze toevoeging geen schending van enig rechtens te respecteren belang van verdachte oplevert. Verdachte wordt veroordeeld voor overtreding van artikel 6 en Pro artikel 8 van Pro de Wegenverkeerswet, met betrekking tot zwaar lichamelijk letsel en gecombineerd middelengebruik.

De bijkomende straf bestaat uit een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen voor de duur van drie jaar, waarbij de reeds ingeleverde tijd van het rijbewijs in mindering wordt gebracht op deze ontzegging. Het vonnis is gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank, met mr. G.H. Nomes als voorzitter en mr. H. Skalonjic en mr. J.F.C. Janssen als rechters.

Uitkomst: Verdachte krijgt een rijontzegging van drie jaar opgelegd, met aftrek van de reeds ingeleverde tijd.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Strafrecht
parketnummer: 02-029377-22
herstelvonnis van de meervoudige kamer van 13 februari 2024
gezien het vonnis van deze rechtbank van 13 februari 2024 in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren op [geboortedag] 1986 te [geboorteplaats],
wonende te [woonadres],
raadsvrouw mr. N. Wouters, advocaat te Middelburg.

1.De geconstateerde misslag

Gebleken is dat in het vonnis van 13 februari 2024 sprake is van een misslag. In het vonnis is onder 6.3 overwogen dat de rechtbank aan verdachte een ontzegging van de rijbevoegdheid zal opleggen voor de duur van drie jaar, met aftrek van de tijd dat het rijbewijs van verdachte ingevorderd is geweest, maar deze straf is per abuis niet onder de beslissing van het vonnis opgenomen.
De rechtbank zal deze misslag herstellen in die zin dat deze straf alsnog wordt toegevoegd aan de beslissing. Veroordeelde wordt door dit herstel niet in enig rechtens te respecteren belang geschaad.

2.De beslissing

De rechtbank:
- herstelt het door deze rechtbank onder parketnummer 02-029377-22 op 13 februari 2024 gewezen vonnis;
- bepaalt dat onder de beslissing van het vonnis het volgende wordt toegevoegd:
“Bijkomende straf
- veroordeelt verdachte tot
een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen van drie jaar;
- bepaalt dat de tijd dat verdachte haar rijbewijs al heeft ingeleverd in mindering wordt gebracht op de rijontzegging.”
Aldus gewezen op 13 februari 2024 door mr. G.H. Nomes, voorzitter, mr. H. Skalonjic en mr. J.F.C. Janssen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.J. van der Welle, griffier.
Mr. Nomes en mr. Skalonjic zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.