ECLI:NL:RBZWB:2024:8472
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen boetebesluit Wet minimumloon en openbaarmaking inspectiegegevens
Verzoekster Middenweg B.V. heeft bezwaar gemaakt tegen een boetebesluit van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wegens overtreding van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, inclusief openbaarmaking van inspectiegegevens. Zij verzocht om een voorlopige voorziening die de uitvoering van het besluit zou schorsen tot zes weken na de beslissing op bezwaar.
De voorzieningenrechter overwoog dat een voorlopige voorziening alleen wordt toegekend bij onverwijlde spoed, bijvoorbeeld wanneer onomkeerbare gevolgen dreigen. Het financiële belang bij de boete is niet voldoende om een voorlopige voorziening te rechtvaardigen, tenzij de vermogenspositie zodanig wordt aangetast dat de bedrijfsvoering ernstig in gevaar komt. Verzoekster kon dit niet voldoende onderbouwen.
Ook het argument dat het besluit onmiskenbaar onrechtmatig zou zijn, werd niet overtuigend geacht. De behandeling van het bezwaar was al in een hoorzitting geweest en de beslissing werd binnen zes weken verwacht. Daarom was het spoedeisend belang afwezig en werd het verzoek afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het boetebesluit en de openbaarmaking wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.