ECLI:NL:RBZWB:2024:8828
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag BPM na geschil over waardebepaling en schadeauto
Belanghebbende deed aangifte BPM voor een Audi Q8 en betaalde € 23.196. De inspecteur legde een naheffingsaanslag van € 4.857 op, gebaseerd op een hogere waardering van de auto. De rechtbank oordeelt dat de afschrijving op basis van taxatierapporten mag plaatsvinden en volgt het beleid van de inspecteur dat de koerslijst Eurotax kan worden gebruikt, ondanks geringe CO2-afwijkingen.
De rechtbank stelt de handelsinkoopwaarde in onbeschadigde staat vast op € 118.685 en accepteert een waardevermindering wegens schade van 72%, lager dan het door belanghebbende opgevoerde percentage. Een waardevermindering wegens schadeverleden wordt niet toegekend wegens onvoldoende onderbouwing.
Hierdoor wordt de verschuldigde BPM vastgesteld op € 27.839, verminderd met reeds betaalde € 23.196, zodat de naheffingsaanslag wordt verminderd naar € 4.643. Tevens kent de rechtbank een immateriële schadevergoeding toe van € 500 wegens overschrijding van de redelijke termijn, waarvan € 375 voor rekening van de inspecteur en € 125 voor de Staat. Proceskosten en griffierecht worden aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: De naheffingsaanslag BPM wordt verminderd tot € 4.643 en belanghebbende krijgt een immateriële schadevergoeding toegekend.