Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is een verkeersboete opgelegd wegens het overtreden van een geslotenverklaring voor motorvoertuigen op de Houtmarkt te Breda op 12 augustus 2022. Betrokkene voerde aan dat hij niet bekend was met de Nederlandse verkeersregels en dat de borden alleen in het Nederlands waren opgesteld. Tevens gaf betrokkene aan onduidelijkheid te ervaren over het betalingsproces van de boete.
De officier van justitie verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat het te laat was ingediend. Betrokkene stelde beroep in bij de kantonrechter. De kantonrechter stelde de zekerheidstelling op nihil wegens onduidelijkheid in het betalingsproces, maar oordeelde dat het beroep alsnog te laat was ingediend. De termijn van zes weken voor het instellen van beroep was verstreken en betrokkene had geen bijzondere omstandigheden aangetoond die de termijnoverschrijding konden rechtvaardigen.
Daarom verklaarde de kantonrechter het beroep ongegrond en kwam niet toe aan de inhoudelijke beoordeling van de boete. Betrokkene kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, mits aan voorwaarden wordt voldaan.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard vanwege te late indiening zonder verschoonbare omstandigheden.