Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene] B.V.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is beboet voor het rijden met 17 km/u te hoge snelheid binnen de bebouwde kom op 21 april 2024 te Tilburg. Tegen de boete is beroep ingesteld bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Betrokkene voerde aan dat hij met spoed naar de Eerste Hulp van het ziekenhuis reed vanwege een noodsituatie, wat de snelheidsovertreding verklaart. Een medische verklaring werd als bewijs toegevoegd. De officier van justitie erkende de noodsituatie maar wees op mogelijke verkeersveiligheidsrisico’s en stelde voor de boete te matigen tot € 50.
De kantonrechter stelde vast dat de overtreding onomstotelijk vaststaat op basis van de verklaring van de verbalisant. Er was geen reden om aan die verklaring te twijfelen. Wel achtte de kantonrechter de omstandigheden, waaronder de noodsituatie en de geringe snelheidsovertreding, voldoende reden om de boete te matigen. Uiteindelijk werd de boete gematigd tot nihil en werd het teveel betaalde bedrag aan zekerheidstelling terugbetaald. Het beroep werd daarmee gedeeltelijk gegrond verklaard.
Uitkomst: De boete wegens snelheidsovertreding is gematigd tot nihil vanwege de noodsituatie.