Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd wegens het veroorzaken van onnodig geluid met een motorvoertuig op de Telegraafstraat te Tilburg op 8 oktober 2023 om 02:50 uur. Betrokkene stelde in beroep dat hij de gedraging niet had verricht en dat de verbalisant hem niet had aangezegd over de sanctie, wat een schending van artikel 5 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) zou betekenen.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond en de kantonrechter bevestigde dit oordeel op de zitting van 16 december 2024. De kantonrechter stelde vast dat de verklaring van de verbalisant in beginsel voldoende bewijs vormt voor de gedraging, tenzij betrokkene specifieke feiten aanvoert die twijfel rechtvaardigen. Dit was niet het geval.
De kantonrechter zag geen reden om de boete te matigen of proceskosten toe te kennen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen. Tegen deze beslissing kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.