ECLI:NL:RBZWB:2025:1251
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- S. Hindriks
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening schorsing bevel tot sluiting café wegens onvoldoende onderbouwing openbare ordeverstoring
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 28 februari 2025 het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het bevel tot sluiting van een café door de burgemeester van Tilburg. Het bevel, gebaseerd op artikel 174 van Pro de Gemeentewet en artikel 72b van de Algemene plaatselijke verordening Tilburg, legde een sluiting op voor zes maanden met ingang van 26 februari 2025.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het begrip openbare orde beperkt moet worden uitgelegd en dat de burgemeester onvoldoende heeft onderbouwd dat er sprake is van een concreet voorzienbare verstoring van de openbare orde. Ook het aangevoerde incident op 6 juni 2024 in een andere horecagelegenheid was onvoldoende om het besluit te rechtvaardigen. Daarnaast werden de belangen van verzoeker zwaarwegend geacht, vooral omdat de sluiting vlak voor carnaval plaatsvindt, een periode waarin het café een groot deel van zijn jaaromzet verdient en diverse verenigingen gebruikmaken van de locatie.
Gezien de onduidelijkheid over de onderbouwing van de burgemeester en de grote belangen van verzoeker, werd het besluit geschorst tot twee weken na de bekendmaking van de beslissing op bezwaar. Tevens werd de burgemeester veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van verzoeker. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het bevel tot sluiting van het café is geschorst wegens onvoldoende onderbouwing van een concrete verstoring van de openbare orde.