ECLI:NL:RBZWB:2025:1411
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding toegekend wegens niet-tijdige beslissing kinderopvangtoeslag
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen de Dienst Toeslagen omdat deze niet tijdig had beslist op haar verzoek tot herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag. Nadat de Dienst Toeslagen alsnog op 30 oktober 2024 had beslist, trok verzoekster haar beroep in en verzocht om een proceskostenvergoeding.
De rechtbank heeft de Dienst Toeslagen in de gelegenheid gesteld te reageren, maar deze heeft niet gereageerd op het verzoek om proceskostenveroordeling, hoewel zij eerder erkende dat verzoekster recht heeft op vergoeding. De rechtbank oordeelt dat de Dienst Toeslagen aan verzoekster is tegemoetgekomen door alsnog te beslissen en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding toe.
De vergoeding bedraagt € 453,50, gebaseerd op een wegingsfactor van 0,5, conform jurisprudentie van de hoogste bestuursrechter. Daarnaast wijst de rechtbank erop dat de Dienst Toeslagen ook het door verzoekster betaalde griffierecht van € 51,- moet vergoeden. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 11 maart 2025.
Uitkomst: De Dienst Toeslagen wordt veroordeeld tot betaling van € 453,50 aan proceskosten aan verzoekster.