ECLI:NL:RBZWB:2025:1987
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding bij aanslag inkomstenbelasting 2019
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2019. De rechtbank beoordeelt het beroep zonder zitting omdat het kennelijk niet-ontvankelijk is wegens termijnoverschrijding. De beroepstermijn van zes weken begon te lopen na de dagtekening van de uitspraak op bezwaar van 24 september 2024 en eindigde op 5 november 2024.
Het beroepschrift werd ontvangen op 12 november 2024 en was volgens de poststempel op 11 november 2024 op de post gedaan, dus na het verstrijken van de termijn. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat het beroepschrift eerder dan de termijn op de post is gedaan. De stelling van overmacht wegens beperkte organisatie en professionele bezwaren is onvoldoende onderbouwd en niet toerekenbaar aan de belastingdienst.
De rechtbank concludeert dat het beroep niet-ontvankelijk is en beoordeelt het beroep niet inhoudelijk. Het bestreden besluit blijft daarmee in stand. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter S.J. Willems-Ruesink op 8 april 2025 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder verontschuldigbare omstandigheden.