ECLI:NL:RBZWB:2025:2071
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken machtiging namens belanghebbende
De heffingsambtenaar van de gemeente Tilburg stelde de waarde van de onroerende zaak van belanghebbende vast en legde een aanslag onroerendezaakbelastingen op. Belanghebbende stelde beroep in tegen deze aanslag. De rechtbank verzocht belanghebbende om een machtiging te overleggen waaruit bleek dat zijn gemachtigde bevoegd was het beroep in te stellen. Dit verzoek bleef onbeantwoord.
Tijdens de mondelinge behandeling kon de gemachtigde dit verzuim niet herstellen. De rechtbank verklaarde daarom het beroep niet-ontvankelijk en beoordeelde de zaak niet inhoudelijk. Belanghebbende kreeg geen proceskostenvergoeding en het griffierecht werd niet teruggegeven.
De uitspraak werd gedaan door rechter A.G.J.M. de Weert op 26 maart 2025 in Breda. Belanghebbende kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een machtiging voor de gemachtigde.