ECLI:NL:RBZWB:2025:3537
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking beroep Woo-verzoek
Verzoeker had beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit van de staatssecretaris op zijn verzoek op grond van de Wet open overheid (Woo). Nadat de staatssecretaris op 12 maart 2025 alsnog een besluit nam, trok verzoeker zijn beroep in en verzocht om een proceskostenveroordeling van de staatssecretaris.
De rechtbank beoordeelde of de staatssecretaris geheel of gedeeltelijk aan verzoeker was tegemoetgekomen en of er aanleiding was voor een proceskostenveroordeling. Hoewel de staatssecretaris aan het beroep tegemoet was gekomen door alsnog een besluit te nemen, was het beroepschrift niet ingediend door een derde die beroepsmatig rechtsbijstand verleent en waren er geen proceskosten die voor vergoeding in aanmerking kwamen.
Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenveroordeling af als kennelijk ongegrond. Wel wees de rechtbank erop dat de staatssecretaris verplicht is het door verzoeker betaalde griffierecht van €194,- te vergoeden, waarvoor verzoeker zich tot de staatssecretaris moet wenden.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenveroordeling van de staatssecretaris wordt afgewezen, maar de griffierechtvergoeding wordt toegewezen.