ECLI:NL:RBZWB:2025:3542
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking beroep Woo
Verzoeker had beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit van de staatssecretaris op zijn verzoek op grond van de Wet open overheid (Woo). Nadat de staatssecretaris op 12 maart 2025 alsnog heeft besloten, trok verzoeker zijn beroep in en verzocht om proceskostenveroordeling van de staatssecretaris.
De rechtbank beoordeelde of de staatssecretaris geheel of gedeeltelijk aan verzoeker was tegemoetgekomen. Hoewel de staatssecretaris het beroep heeft ingewilligd door alsnog te beslissen, oordeelde de rechtbank dat geen aanleiding bestond voor proceskostenveroordeling. Dit omdat het beroepschrift niet door een beroepsmatig rechtsbijstandverlener was ingediend en er geen proceskosten waren die voor vergoeding in aanmerking kwamen volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De rechtbank wees het verzoek om proceskostenvergoeding af, maar benadrukte dat de staatssecretaris verplicht is het door verzoeker betaalde griffierecht van €194,- te vergoeden. Verzoeker werd geadviseerd zich hiervoor rechtstreeks tot de staatssecretaris te wenden.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen, maar de griffierechtvergoeding van €194,- moet door de staatssecretaris worden vergoed.