ECLI:NL:RBZWB:2025:3549
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking beroep Woo
Verzoeker had beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit op zijn verzoek op grond van de Wet open overheid (Woo). Dit beroep werd ingetrokken nadat de staatssecretaris alsnog op 12 maart 2025 een besluit nam. Verzoeker vroeg vervolgens om een proceskostenveroordeling van de staatssecretaris.
De rechtbank overwoog dat hoewel de staatssecretaris aan het beroep tegemoet was gekomen door alsnog een besluit te nemen, er geen aanleiding was om proceskosten toe te wijzen. Dit omdat verzoeker niet door een derde met beroepsmatige rechtsbijstand werd bijgestaan en er geen proceskosten waren die in aanmerking kwamen voor vergoeding volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De rechtbank wees het verzoek dan ook als kennelijk ongegrond af. Wel wees de rechtbank erop dat de staatssecretaris verplicht is het door verzoeker betaalde griffierecht van €194 te vergoeden, waarvoor verzoeker zich rechtstreeks tot de staatssecretaris moet wenden.
De uitspraak werd gedaan zonder zitting door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant op 6 juni 2025 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen, maar de griffierechtvergoeding wordt toegewezen.