Betrokkene is veroordeeld tot tbs met verpleging van overheidswege wegens ernstige misdrijven gericht tegen de lichamelijke integriteit. De tbs is sinds 2018 van kracht en werd in 2023 voorwaardelijk beëindigd onder de voorwaarde dat betrokkene Nederland verlaat. Omdat terugkeer naar Iran niet mogelijk bleek, is de tbs in 2024 verlengd.
De kliniek adviseert opnieuw verlenging vanwege een complexe psychopathologie, waaronder schizofrenie, cognitieve beperkingen en middelengebruik, met een matig tot hoog risico op (seksueel) gewelddadig gedrag. Het behandelplafond is bereikt en resocialisatie is belemmerd door betrokkene's vreemdelingenstatus, wat een behandelimpasse veroorzaakt.
De verdediging verzocht om aanhouding tot een beslissing van de IND, maar de rechtbank oordeelt dat de vreemdelingenprocedure geen invloed heeft op de verlenging. De rechtbank wijst het verzoek af en verlengt de tbs met één jaar, omdat de situatie binnen die termijn opnieuw beoordeeld kan worden, met het oog op mogelijke uitbreiding van vrijheden ondanks de vreemdelingenstatus.
De rechtbank benadrukt dat de tbs niet mag verworden tot verkapte detentie en dat een zorgconferentie of opschaling bij het ministerie mogelijk kan bijdragen aan het doorbreken van de behandelimpasse. De beslissing is genomen door een meervoudige kamer en uitgesproken op 10 juni 2025.