Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 juni 2025 in de zaken tussen
[belanghebbende], uit [plaats], belanghebbende,
de heffingsambtenaar van de gemeente Breda (P1), de heffingsambtenaar.
Inleiding
- met [aanslagnummer 1]; en
- met [aanslagnummer 2].
Feiten
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar;
- vermindert de beide naheffingsaanslagen parkeerbelasting tot € 55,05;
- bepaalt dat de heffingsambtenaar het griffierecht van twee maal € 50 aan belanghebbende moet vergoeden;
- veroordeelt de heffingsambtenaar tot betaling van € 211 aan proceskosten aan belanghebbende;
- wijst het verzoek tot vergoeding van immateriële schade af;
- beslist dat voor zover de vergoeding van het griffierecht en de toegekende proceskostenvergoeding niet tijdig worden betaald, de wettelijke rente daarover in zoverre is gaan lopen vier weken na de datum waarop deze uitspraak is gedaan.