Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de uitspraken van de inspecteur van 24 november 2023 inzake de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) voor de jaren 2020 en 2021. De rechtbank heeft het beroep op 22 november 2024 behandeld, waarbij belanghebbende niet is verschenen ondanks correcte uitnodiging.
De rechtbank heeft belanghebbende vervolgens in de gelegenheid gesteld te reageren op de overschrijding van de beroepstermijn, maar er is geen reactie ontvangen. Het beroepschrift is op 6 januari 2024 ingediend, terwijl de termijn op 5 januari 2024 was verstreken. Er is geen sprake van een verschoonbare termijnoverschrijding.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en beoordeelt de zaak niet inhoudelijk. Voor zover het beroep ziet op de afwijzing van het verzoek om ambtshalve vermindering van de aanslag IB/PVV 2020, draagt de rechtbank de inspecteur op dit als bezwaarschrift in behandeling te nemen. Belanghebbende krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.