Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[naam]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het gebruik van de autosnelweg A58 te Etten-Leur met een voertuig dat niet sneller kan of mag dan 60 km/h. Betrokkene voerde aan dat de boete onredelijk was omdat belangrijke papieren waren gevallen en hij deze van de vluchtstrook wilde pakken.
De officier van justitie stelde dat de gedraging op basis van het zaakoverzicht vaststaat en verzocht om matiging van de boete wegens het niet horen van betrokkene en overschrijding van de redelijke termijn. Betrokkene ontkende de gedraging niet.
De kantonrechter oordeelde dat niet is komen vast te staan dat de gedraging heeft plaatsgevonden, mede omdat onduidelijk is hoe deze zou zijn verricht en geconstateerd. Daarom is de boete ten onrechte opgelegd en wordt het beroep gegrond verklaard. De beschikking en beslissing worden vernietigd en het betaalde bedrag van €129,- wordt terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de verkeersboete wordt vernietigd met terugbetaling van het betaalde bedrag.