ECLI:NL:RBZWB:2025:4323

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
13 juni 2025
Publicatiedatum
9 juli 2025
Zaaknummer
11454525 MB VERZ 24-1714
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ongegrond beroep tegen verkeersboete voor doorrijden bij rood verkeerslicht

Betrokkene is een administratieve boete opgelegd wegens het negeren van een rood verkeerslicht op de Teteringsedijk te Breda op 7 september 2023. Tegen deze boete is eerst beroep ingesteld bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting van 13 juni 2025 verschenen alleen de zittingsvertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie; betrokkene en zijn gemachtigde waren afwezig. De kantonrechter oordeelt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd vaststaat en niet wordt betwist. Het verzoek om vernietiging van de beslissing wegens schending van de informatieplicht wordt afgewezen, omdat de gemachtigde tijdig een zaakoverzicht heeft ontvangen.

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af. De uitspraak is openbaar gedaan en biedt betrokkene de mogelijkheid om binnen zes weken hoger beroep in te stellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Breda
zaaknummer : 11454525 \ MB VERZ 24-1714
CJIB-nummer : 9062 5422 6081 9158
uitspraakdatum : 13 juni 2025
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene
gemachtigde : [gemachtigde]

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 13 juni 2025. Namens de officier van justitie is verschenen [naam] (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Gemachtigde en betrokkene zijn niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: doorgaan bij een driekleurig verkeerslicht (stoplicht) dat op rood staat op de Teteringsedijk te Breda op 7 september 2023 om 13:36 uur.
Gemachtigde heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat belanghebbende aan de officier van justitie heeft verzocht stukken te verstrekken. De officier van justitie heeft hier geen gehoor aangegeven. De beslissing van de officier van justitie moet daarom worden vernietigd, het beroep gegrond worden verklaard en het Openbaar Ministerie worden veroordeeld in de proceskosten.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. In de administratieve fase is per brief van 6 november 2023 verzocht om (aanvullende) gronden. Daarbij is het zaakoverzicht meegestuurd. Het aanmaakproces is duidelijk en voor fouten bestaat gelet op de uitspraak van het gerechtshof met nummer ECLI:NL:GHARL:2020:6346 nagenoeg geen ruimte. De schending van de informatieplicht kan daarom niet worden aangenomen. Verder staat de gedraging vast.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier - met name uit de verklaring van de verbalisant - voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Dit wordt ook niet betwist.
De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen. Uit het dossier blijkt dat aan gemachtigde bij brief van 6 november 2023 een zaakoverzicht is meegestuurd. Van een schending van een informatieplicht is daarom geen sprake.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Gelet hierop is er geen aanleiding voor het toekennen van een proceskostenvergoeding.

Beslissing

De kantonrechter:
  • verklaart het beroep ongegrond;
  • wijst het verzoek om een proceskostenvergoeding af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.W.M. Speekenbrink, kantonrechter, bijgestaan door de griffier E. Alekperov, en in het openbaar uitgesproken op 13 juni 2025.
Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 90008, 4800 PA Breda. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum verzending: