Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd wegens het geven van signalen op een andere wijze dan toegestaan op de Stationslaan te Breda op 2 augustus 2023 om 08:14 uur. Betrokkene stelde in beroep dat hij niet zes keer een signaal heeft afgegeven. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond en betoogde dat de verbalisant duidelijk had vastgesteld dat zes keer groot licht werd gevoerd zonder gevaar.
Tijdens de zitting op 13 juni 2025 verscheen de vertegenwoordiger van de officier van justitie, terwijl betrokkene niet aanwezig was. De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant voldoende bewijs vormt voor het verrichten van de gedraging, tenzij betrokkene specifieke feiten aanvoert die twijfel rechtvaardigen. Dit was niet het geval.
De kantonrechter zag geen reden om de boete te matigen en verklaarde het beroep ongegrond. De uitspraak werd in het openbaar gedaan en betrokkene werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep binnen zes weken bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en de boete blijft gehandhaafd.