Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is beboet voor het gebruik van een fietsstrook gemarkeerd met een doorgetrokken streep op de Schorsmolenstraat te Breda op 24 juni 2023 om 23:56 uur. Tegen deze administratieve sanctie is beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens te late indiening. Betrokkene stelde dat hij contact had opgenomen met de gemeente Breda, waardoor de termijnoverschrijding zou zijn te verontschuldigen.
De kantonrechter stelde vast dat de termijn voor het instellen van beroep zes weken bedroeg en eindigde op 18 augustus 2023, terwijl het beroepschrift pas op 27 augustus 2023 werd ontvangen. Betrokkene heeft de zekerheidstelling van €169 niet betaald, maar kreeg het voordeel van de twijfel en hoefde deze zekerheid niet te stellen.
De kantonrechter oordeelde dat betrokkene niet aannemelijk had gemaakt dat bijzondere omstandigheden het te laat indienen niet aan hem konden worden toegerekend. Daarom was het beroep bij de officier van justitie terecht niet-ontvankelijk verklaard en werd het beroep bij de rechtbank ongegrond verklaard.
De uitspraak werd gedaan op 28 mei 2025 door kantonrechter M.A.V. van Aardenne en griffier E. Alekperov. Betrokkene kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard wegens te late indiening van het beroepschrift.