ECLI:NL:RBZWB:2025:4459

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
14 mei 2025
Publicatiedatum
10 juli 2025
Zaaknummer
11279273 MB VERZ 24-706
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5 WahvArt. 8 Wahv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond verklaard tegen verkeersboete wegens snelheidsovertreding buiten de bebouwde kom

Betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd wegens het rijden van 15 km per uur te hard op een weg buiten de bebouwde kom op 16 september 2023. Betrokkene stelde dat het voertuig ten tijde van de overtreding was verhuurd en dat daarom de boete niet aan hem opgelegd kon worden.

De kantonrechter oordeelt dat uit de stukken, met name de verklaring van de verbalisant, voldoende blijkt dat de overtreding heeft plaatsgevonden. Betrokkene ontkent de overtreding niet, maar heeft nagelaten een geldige huurovereenkomst te overleggen die de verhuur zou aantonen.

Volgens artikel 5 en Pro 8 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften moet de sanctie aan de kentekenhouder worden opgelegd, tenzij deze kan aantonen dat het voertuig bedrijfsmatig is verhuurd of dat hij geen eigenaar meer was. Omdat betrokkene dit niet heeft kunnen bewijzen, faalt het beroep en wordt de boete gehandhaafd.

De kantonrechter ziet geen aanleiding om de boete te matigen en verklaart het beroep ongegrond. Tegen deze beslissing kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en de boete blijft gehandhaafd.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Middelburg
zaaknummer : 11279273 \ MB VERZ 24-706
CJIB-nummer : 4062 5422 6102 9024
uitspraakdatum : 14 mei 2025
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene
gemachtigde : [betrokkene]

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 14 mei 2025. Namens de officier van justitie is verschenen mr. C.S. de Meer (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene en gemachtigde zijn niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: 15 km per uur harder rijden dan mag op een (auto)weg buiten de bebouwde kom op de N253 te Sluis op
16 september 2023 om 13.04 uur.
Gemachtigde heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat het voertuig ten tijde van de verweten gedraging was verhuurd. De gegevens van de huurder worden vermeld in het beroepschrift.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier - met name uit de verklaring van de verbalisant - voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Betrokkene ontkent de gedraging niet.
Betrokkene heeft, nagelaten zijn stelling, dat het voertuig zou zijn geleased/verhuurd ten tijde van de gedraging, nader met bewijzen te onderbouwen.
Immers, ingevolge artikel 5 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (verder Wahv) moet de sanctie voor een gedraging met een voertuig waarvoor een kenteken is opgegeven aan de kentekenhouder worden opgelegd. Ingevolge artikel 8 Wahv Pro is dat alleen dan anders indien de kentekenhouder niet heeft kunnen voorkomen dat een ander van het voertuig gebruik heeft gemaakt of een schriftelijke bedrijfsmatig aangegane huurovereenkomst van ten hoogste drie maanden met betrekking tot het voertuig wordt overgelegd of de kentekenhouder ten tijde van de gedraging niet meer de eigenaar van het voertuig was. Betrokkene heeft nagelaten een geldige huurovereenkomst te overleggen, zodat onvoldoende is komen vast te staan dat een uitzondering in verband met bedrijfsmatige verhuur zich heeft voorgedaan en het beroep daarom faalt.
De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

Beslissing

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 14 mei 2025.
Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 67, 4330 AB Middelburg. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum verzending: