Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het rijden op het fietspad aan de Visserstraat 1 te Breda op 19 februari 2023. Betrokkene stelde beroep in tegen de boete, stellende dat de gedraging plaatsvond vanwege onveilige verkeerssituatie tijdens carnaval. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond.
De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststaat en de boete terecht is opgelegd. Wel werd vastgesteld dat de redelijke termijn voor behandeling van het beroep met ruim een maand was overschreden, aangezien de boete op 11 maart 2023 werd opgelegd en de uitspraak op 29 april 2025 plaatsvond.
Op grond hiervan matigde de kantonrechter de boete met 25%, waardoor het beroep gedeeltelijk gegrond werd verklaard. De officier van justitie werd opgedragen het teveel betaalde bedrag van €37,50 aan betrokkene terug te betalen. De boete werd vastgesteld op €112,50 plus €9 administratiekosten.