ECLI:NL:RBZWB:2025:4988
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verliesverrekeningsbeschikkingen vennootschapsbelasting 2020 en 2021
Belanghebbende B.V. maakte bezwaar tegen de aanslagen vennootschapsbelasting over 2020 en 2021, waarbij het geschil zich richtte op de hoogte van de verliesverrekeningsbeschikkingen. De inspecteur had voor 2020 en 2021 verliesverrekeningsbeschikkingen vastgesteld van respectievelijk €20.534 en €18.581, terwijl belanghebbende lagere bedragen vorderde.
De rechtbank heeft de beroepen op 15 juli 2025 behandeld en beoordeelt of de verliesverrekeningsbeschikkingen correct zijn vastgesteld. Belanghebbende voerde onder meer aan dat een pensioenuitkering in 2020 dubbel gecorrigeerd zou zijn en dat er meer kosten in aftrek genomen konden worden dan door de inspecteur verwerkt.
De rechtbank oordeelt dat belanghebbende deze stellingen niet aannemelijk heeft gemaakt en dat de inspecteur zorgvuldig heeft gehandeld. Een eerder gemaakte fout door de inspecteur is gecorrigeerd en verontschuldigingen zijn aangeboden. Er is geen sprake van een schending van het zorgvuldigheidsbeginsel.
De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond, wijst terugbetaling van griffierecht en vergoeding van proceskosten af en bevestigt de verliesverrekeningsbeschikkingen zoals vastgesteld door de inspecteur.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de verliesverrekeningsbeschikkingen zoals vastgesteld door de inspecteur.