Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 7 augustus 2025 in de zaak tussen
de korpschef van politie eenheid Zeeland-West-Brabant, verweerder
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
- diffusions en notices van Interpol,
- verstrekkingen en meldingen ten behoeve van de Terrorist Screening Database, de Federal Bureau of Investigation en de Passagiersinformatie-eenheid Nederland (Pi-NL),
- Signaleringen en/of aandachtsvestigingen via het Schengeninformatiesysteem (SIS), het Opsporingssysteem (OPS), systeem Executie en Signalering (E&S) en de Basisvoorziening Handhaving (BHV),
- Vermeldingen op lijsten, zoals op het Landelijk overzicht jihadgang politie (LOP-lijst) en diens opvolger, de Afstemmingslijst,
- CTER-registraties
- dat sprake is geweest van een signalering in het SIS, maar dat eiseres sinds 31 oktober 2019 niet meer gesignaleerd is in het SIS;
- dat eiseres niet gesignaleerd heeft gestaan in E&S;
- dat eiseres tot 27 november 2020 op de Afstemmingslijst (voorheen LOP-lijst) heeft gestaan.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit in stand blijven;
- draagt de korpschef op het betaalde griffierecht van € 187,- aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt de korpschef in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van