Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 453,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het invoegen op de A58 te Tilburg zonder het andere verkeer voor te laten gaan. Betrokkene stelde dat hij deze gedraging niet had verricht en dat de verbalisant zelf geen voorrang had verleend, waardoor het opleggen van de boete onterecht was.
De officier van justitie verklaarde het eerste beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter. Tijdens de zitting verschenen noch betrokkene noch zijn gemachtigde, terwijl de officier van justitie werd vertegenwoordigd.
De kantonrechter oordeelde dat niet is komen vast te staan dat betrokkene de overtreding heeft begaan. Het dossier gaf onvoldoende duidelijkheid, mede gezien de verklaring van de verbalisant en de door betrokkene aangevoerde feiten. Daarom werd de boete vernietigd, het betaalde bedrag terugbetaald en een proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete vernietigd.