ECLI:NL:RBZWB:2025:5224

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
3 juli 2025
Publicatiedatum
7 augustus 2025
Zaaknummer
11294033 MB VERZ 24-727
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond tegen verkeersboete wegens niet verzekeren motorrijtuig

Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het niet afsluiten en in stand houden van de vereiste verzekering voor een motorrijtuig, geconstateerd op 10 juli 2023.

Betrokkene stelde beroep in bij de officier van justitie, die dit ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter, die de zaak behandelde op 3 juli 2025.

De gemachtigde voerde aan dat betrokkene niet wist dat de verzekering was verlopen en dat er geen sprake was van rijden met het niet-verzekerde voertuig. De officier van justitie stelde dat het voertuig vanaf 3 juli 2023 niet verzekerd was tot 17 juli 2023 en dat dit risico voor betrokkene was.

De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststaat en dat de boete terecht is opgelegd. Er waren geen bijzondere omstandigheden die matiging rechtvaardigen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen.

Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wegens het niet verzekeren van het motorrijtuig wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Middelburg
zaaknummer : 11294033 \ MB VERZ 24-727
CJIB-nummer : 1062 5422 6034 6622
uitspraakdatum : 3 juli 2025
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene
gemachtigde : mr. N.G.A. Voorbach (Verkeersboete.nl)

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 3 juli 2025. Namens de officier van justitie is verschenen mr. C.S. de Meer (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Namens Verkeersboete.nl is [naam] verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: voor een motorrijtuig niet de vereiste verzekering afsluiten en in stand houden geconstateerd door de RDW op
10 juli 2023 om 17.03 uur.
Gemachtigde heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat betrokkene zich niet kan verenigen met de beslissing van de officier van justitie. De registercontrole kan onrechtvaardig uitpakken omdat er niet wordt getoetst of er sprake is van bijzondere omstandigheden. Betrokkene wist niet dat de auto uit de verzekering was en heeft gelijk actie ondernomen na ontvangst van de brief. Betrokkene heeft niet met de auto gereden.
Gemachtigde verzoekt een proceskostenvergoeding.
Ter zitting heeft gemachtigde hieraan geen ander verweer toegevoegd.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. Het voertuig was verzekerd tot 2 juli 2023. De registercontrole heeft plaatsgevonden op 10 juli 2023 en pas op 17 juli 2023 is de verzekering in orde gemaakt. Het voertuig is een periode niet verzekerd geweest. Dit komt voor eigen rekening en risico van betrokkene. Dat niet met het voertuig is gereden maakt dit niet anders.
Overwegingen
De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Dit wordt ook niet betwist.
De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Gelet hierop is er geen aanleiding voor het toekennen van een proceskostenvergoeding.

Beslissing

De kantonrechter:
  • verklaart het beroep ongegrond;
  • wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 3 juli 2025.
Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 67, 4330 AB Middelburg. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum verzending: