Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het niet afsluiten en in stand houden van de vereiste verzekering voor een motorrijtuig, geconstateerd op 10 juli 2023.
Betrokkene stelde beroep in bij de officier van justitie, die dit ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter, die de zaak behandelde op 3 juli 2025.
De gemachtigde voerde aan dat betrokkene niet wist dat de verzekering was verlopen en dat er geen sprake was van rijden met het niet-verzekerde voertuig. De officier van justitie stelde dat het voertuig vanaf 3 juli 2023 niet verzekerd was tot 17 juli 2023 en dat dit risico voor betrokkene was.
De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststaat en dat de boete terecht is opgelegd. Er waren geen bijzondere omstandigheden die matiging rechtvaardigen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wegens het niet verzekeren van het motorrijtuig wordt ongegrond verklaard.