ECLI:NL:RBZWB:2025:5231

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
3 juli 2025
Publicatiedatum
7 augustus 2025
Zaaknummer
11420644 MB VERZ 24-954
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ongegrond verklaard beroep tegen verkeersboete wegens niet-conforme kentekenplaat

Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd omdat de kentekenplaat van zijn voertuig niet voldeed aan de wettelijke eisen. De overtreding werd vastgesteld op 6 januari 2024 te Goes. Betrokkene voerde aan dat de kentekenplaat door een postbezorger was losgeraakt en achter de voorruit van de auto was gelegd, en dat hij niet op de hoogte was van de mogelijkheid om de boete te vermijden door de kentekenplaat binnen zeven dagen te tonen.

De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter. Tijdens de zitting op 3 juli 2025 verscheen alleen de vertegenwoordiger van de officier van justitie; betrokkene was afwezig.

De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant voldoende bewijs vormt voor het vaststellen van de overtreding. Betrokkene bracht geen specifieke feiten aan die twijfel konden zaaien over de juistheid van deze verklaring. De geboden coulanceregeling werd niet benut, waardoor de boete terecht is opgelegd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.

Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en de boete blijft van kracht.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Middelburg
zaaknummer : 11420644 \ MB VERZ 24-954
CJIB-nummer : 7062 5422 6364 8666
uitspraakdatum : 3 juli 2025
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 3 juli 2025. Namens de officier van justitie is verschenen mr. C.S. de Meer (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is
niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: de kentekenplaat voldoet niet aan de gestelde eisen geconstateerd in de Cypressenstraat te Goes op
6 januari 2024 om 15.57 uur.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat wat de agenten hebben vermeld onjuist is. Betrokkene was niet ermee bekend dat hij geen boete zou krijgen als hij liet zien dat het kenteken weer op zijn auto was geplaatst. Doordat een postbezorger achteruit reed is de kentekenplaat losgekomen en heeft betrokkene de kentekenplaat achter de voorruit in de auto gelegd.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. De verbalisant heeft aan betrokkene een waarschuwing gegeven maar betrokkene heeft hier geen gebruik van gemaakt.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier - met name uit de verklaring van de verbalisant - voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht.
In zaken op grond van de Wahv biedt de verklaring van de verbalisant in beginsel voldoende grondslag voor de vaststelling dat de gedraging is verricht. Dat is anders indien de betrokkene voor zijn zaak specifieke feiten en omstandigheden aanvoert, die aanleiding geven om te twijfelen aan de juistheid van die verklaring of indien dergelijke feiten en omstandigheden uit het dossier blijken.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd geen aanleiding om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant. De verbalisant heeft een duidelijke verklaring gegeven over de constatering van de gedraging en de coulance om het voertuig, met bevestigde kentekenplaat, binnen zeven dagen te tonen op het politiebureau waardoor geen boete opgelegd zou worden. Betrokkene heeft geen gebruik gemaakt van deze coulanceregeling.
De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

Beslissing

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 3 juli 2025.
Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 67, 4330 AB Middelburg. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum verzending: