ECLI:NL:RBZWB:2025:5233

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
3 juli 2025
Publicatiedatum
7 augustus 2025
Zaaknummer
11260682 MB VERZ 24-664
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ongegrond verklaard beroep tegen verkeersboete wegens overtreden eenrichtingsverkeer

Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het rijden in strijd met een geslotenverklaring (bord C2 RVV 1990) op de Oostambachtweg te Kapelle op 24 januari 2024. Betrokkene stelde dat de boete onredelijk was vanwege onduidelijke bebording op het moment van de overtreding.

De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond en de zaak werd behandeld door de kantonrechter op 3 juli 2025. Betrokkene was niet aanwezig bij de zitting. De kantonrechter baseerde zich op de verklaring van de verbalisant en concludeerde dat de overtreding vaststond en dat betrokkene de bebording had kunnen waarnemen.

De latere aanpassing van de bebording deed niet af aan de geldigheid van de boete. De kantonrechter oordeelde dat van een weggebruiker verwacht mag worden alert te zijn op veranderde verkeerssituaties. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de boete bleef in stand.

Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en de boete blijft in stand.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Middelburg
zaaknummer : 11260682 \ MB VERZ 24-664
CJIB-nummer : 0062 5422 6380 3126
uitspraakdatum : 3 juli 2025
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 3 juli 2025. Namens de officier van justitie is verschenen mr. C.S. de Meer (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: handelen in strijd met een geslotenverklaring (bord C2 RVV 1990 eenrichtingsverkeer) op de Oostambachtweg te Kapelle op 24 januari 2024 om 08.21 uur.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. De situatie ter plaatse is tegenwoordig een stuk duidelijker dan op het moment dat betrokkene daar reed en een boete opgelegd kreeg. Als de bebording zo duidelijk zou zijn geplaatst zou betrokkene niet naar rechts zijn gereden en de gedraging hebben verricht.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren. De verklaring van de verbalisant is voldoende om de gedraging vast te stellen.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier - met name uit de verklaring van de verbalisant - voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Dit wordt ook niet ontkent door betrokkene. Onvoldoende gebleken is dat betrokkene de geplaatste bebording niet heeft kunnen waarnemen. Dat later de bebording is aangepast doet hier niet aan af. Van een weggebruiker mag worden verwacht alert te zijn op een gewijzigde verkeerssituatie en hierop te anticiperen. Dat betrokkene de geplaatste bebording niet heeft opgemerkt komt voor eigen rekening en risico.
De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

Beslissing

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.A.V. van Aardenne, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 3 juli 2025.
Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 67, 4330 AB Middelburg. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum verzending: