Op 4 mei 2025 werd verdachte aangehouden op de A27 bij Raamsdonksveer met in zijn voertuig twee bigshoppers met in totaal 55.180 gram MDMA. De rechtbank oordeelde dat verdachte als enige inzittende en bestuurder beschikkingsmacht had over het voertuig en wetenschap van de drugs, mede afgeleid uit zijn rijgedrag, poging tot ontkomen en communicatie op zijn telefoon.
Verdachte ontkende wetenschap van de MDMA, maar zijn verklaringen waren tegenstrijdig en ongeloofwaardig. De rechtbank achtte het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen en sprak verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten.
De strafoplegging hield rekening met de grote hoeveelheid drugs, de vermoedelijke betrokkenheid bij een georganiseerde drugshandel en de maatschappelijke impact daarvan. Ondanks dat verdachte als first offender werd beschouwd, vond de rechtbank een gevangenisstraf van 50 maanden passend, met aftrek van voorarrest.
Daarnaast werd een geldbedrag van €506,90 aan verdachte teruggegeven omdat dit niet vatbaar was voor verbeurdverklaring. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant op 15 augustus 2025.