ECLI:NL:RBZWB:2025:5756
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde woning na compromis tussen belanghebbende en gemeente
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning aan een adres te Drimmelen, vastgesteld op €270.000 per 1 januari 2022. De heffingsambtenaar van de gemeente Drimmelen verklaarde het bezwaar ongegrond en handhaafde de aanslag onroerendezaakbelasting (OZB) voor 2023.
Het beroep van belanghebbende tegen deze uitspraak op bezwaar werd op 21 augustus 2025 behandeld door de rechtbank Zeeland-West-Brabant te Breda. Tijdens de zitting bereikten partijen een compromis waarbij de WOZ-waarde werd vastgesteld op €265.000, een verlaging ten opzichte van de oorspronkelijke vaststelling.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar en paste de WOZ-waarde en de OZB-aanslag dienovereenkomstig aan. Tevens werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot betaling van proceskosten van €3.108 en het griffierecht van €51 aan belanghebbende. De vergoeding van proceskosten werd berekend op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht, waarbij punten werden toegekend voor proceshandelingen en zittingbijwoning.
De uitspraak werd gedaan door rechter S.J. Willems-Ruesink en griffier M.M. van de Langerijt-Suurmeijer op 25 augustus 2025 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Belanghebbende kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof ’s-Hertogenbosch.
Uitkomst: WOZ-waarde woning verlaagd tot €265.000 en aanslag OZB dienovereenkomstig verminderd.