ECLI:NL:RBZWB:2025:6001
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woning en aanslag onroerendezaakbelasting gemeente Drimmelen
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de WOZ-waarde van zijn woning te [plaats 2], vastgesteld op €228.000 per 1 januari 2022, en de daarmee samenhangende aanslag onroerendezaakbelasting 2023 van de gemeente Drimmelen. De rechtbank heeft het beroep behandeld op 3 juli 2025, waarbij belanghebbende niet is verschenen, maar correct was uitgenodigd.
Belanghebbende stelde dat de waarde maximaal €197.000 bedroeg, onder meer vanwege een aandeel in het reservefonds van de VvE en overname van roerende goederen, alsmede een onjuiste waardering van de marktontwikkeling. De heffingsambtenaar handhaafde de WOZ-waarde van €228.000, gebaseerd op de aankoopprijs van €230.100 op 28 februari 2022, gecorrigeerd voor het aandeel in het reservefonds.
De rechtbank oordeelde dat de WOZ-waarde terecht is vastgesteld op basis van de netto aankoopsom, waarbij de correctie van €2.982,99 voor het reservefonds is geaccepteerd, maar niet de overige door belanghebbende gestelde correcties wegens gebrek aan bewijs. De door belanghebbende voorgestelde indexering werd verworpen wegens onvoldoende specificiteit en jurisprudentie die de datum van de koopovereenkomst als leidend beschouwt.
De rechtbank verklaarde het beroep ontvankelijk en ongegrond, handhaafde de WOZ-waarde en aanslag OZB, en wees het verzoek om vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde en aanslag OZB wordt ongegrond verklaard en de vastgestelde waarde van €228.000 blijft gehandhaafd.