ECLI:NL:RBZWB:2025:6369
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning voor bijgebouw op rijksmonument
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen de omgevingsvergunning die aan vergunninghouder is verleend voor het bouwen van een bijgebouw op een perceel dat deels is bestemd voor agrarisch gebruik en cultuurhistorische waarden. Zij betoogt dat het bouwplan in strijd is met het bestemmingsplan en dat haar belangen, zoals privacy en uitzicht, onvoldoende zijn meegewogen.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het bouwplan inderdaad deels afwijkt van het bestemmingsplan, maar dat het college bevoegd was om een vergunning te verlenen vanwege de beperkte inbreuk en het bijbehorende karakter van het bouwwerk. De toetsing aan het Parapluplan Cultuurhistorie is volgens de rechter zorgvuldig uitgevoerd met betrokkenheid van deskundigen en adviezen.
Hoewel verzoekster een spoedeisend belang heeft, oordeelt de voorzieningenrechter dat de gronden voor beroep naar verwachting niet zullen slagen en dat de belangenafweging door het college redelijk is. Daarom wordt de voorlopige voorziening afgewezen en blijft de vergunning van kracht in afwachting van de bodemprocedure.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de omgevingsvergunning blijft van kracht.