Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de rechtbank van 25 september 2025 in de zaak tussen
[eiser], uit [plaats],
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Schouwen-Duiveland,
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
1. Een bed & breakfast mag plaatsvinden als een nevenactiviteit in een bestaande woning; de hoofdbewoner dient daarom eigenaar of huurder te zijn van de gehele woning indien een BenB wordt uitgeoefend;”
– waarbij de panden dienen te zijn uitgevoerd overeenkomstig een verleende omgevingsvergunning en dienen te voldoen aan de op de panden en het gebruik van toepassing zijnde voorschriften opgenomen in Bouwbesluit 2012 – op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 5.000,00 per overtreding, per kalenderdag (waarbij een gedeelte van een kalenderdag ook als dag geldt), met een maximum van € 25.000,00.
de panden in het vervolg in overeenstemming met (…) [een] ander planologisch besluit dient te (laten) gebruiken. Hieraan heeft eiser niet voldaan. De omgevingsvergunning van 13 juli 2023 is een planologisch besluit waar de last aan refereert en aan de voorwaarden die door dat planologische besluit worden gesteld aan het hebben van een B&B. Daaraan heeft eiser naar het oordeel van de rechtbank niet voldaan. Voor een nadere toelichting hierop verwijst de rechtbank naar de uitspraak in de zaken met zaaknummers BRE 24/4443 en 24/4444.