ECLI:NL:RBZWB:2025:7964
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang na vaststellingsovereenkomst over belastingaanslagen
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over de jaren 2017 en 2018, inclusief opgelegde boetes en belastingrente. Na het instellen van het beroep zijn partijen een vaststellingsovereenkomst overeengekomen waarin belanghebbende een betaling van € 50.000 verricht ter voldoening aan zijn betalingsverplichtingen en afstand doet van verdere vorderingen.
De rechtbank constateert dat door deze overeenkomst het beroep geen voor belanghebbende gunstiger resultaat meer kan opleveren, waardoor het procesbelang ontbreekt. Op grond hiervan verklaart de rechtbank de beroepen kennelijk niet-ontvankelijk zonder zitting.
Verder oordeelt de rechtbank dat terugbetaling van griffierecht niet aan de orde is omdat belanghebbende geen griffierecht heeft betaald. Ook wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd gezien de gemaakte afspraken tussen partijen.
De uitspraak is gedaan door rechter S.J. Willems-Ruesink en griffier W. Dekkers op 17 november 2025 en openbaar gemaakt via geanonimiseerde publicatie. Partijen wordt gewezen op de mogelijkheid tot verzet binnen zes weken.
Uitkomst: De beroepen worden niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na het sluiten van een vaststellingsovereenkomst.