Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het UWV omdat het niet tijdig heeft beslist op de aanvraag tot herbeoordeling van arbeidsongeschiktheid op grond van de Wet WIA. De rechtbank stelt vast dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden en dat eiseres het UWV correct in gebreke heeft gesteld.
Het UWV gaf aan dat het tekort aan verzekeringsartsen de reden is voor de vertraging en dat onduidelijk is wanneer een besluit kan worden genomen. De rechtbank oordeelt dat een termijn van vier maanden redelijk is om een zorgvuldige beslissing mogelijk te maken.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op bij verdere overschrijding, met een maximum van €15.000. Het UWV wordt ook veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 27 november 2025.