Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena van 12 november 2025. Dit bezwaar leidde tot een verzoek om een voorlopige voorziening. Verzoeker heeft dit verzoek ingetrokken nadat het college op 17 november 2025 het besluit volledig introk.
De voorzieningenrechter heeft het college de gelegenheid gegeven te reageren op het verzoek om proceskostenveroordeling. Het college gaf aan bereid te zijn de proceskosten te vergoeden. De voorzieningenrechter heeft vervolgens zonder zitting uitspraak gedaan over het verzoek.
De rechter oordeelde dat het college met de intrekking van het besluit aan het verzoek van verzoeker is tegemoetgekomen. Dit vormt een reden om het verzoek om proceskostenveroordeling toe te wijzen, tenzij bijzondere omstandigheden dat verhinderen, wat hier niet het geval was.
De proceskosten zijn vastgesteld op € 907,- voor de verrichte proceshandeling door de gemachtigde van verzoeker. Daarnaast is het college veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht van € 194,-. Hiermee komt de totale vergoeding op € 1.101,-.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter S. Hindriks en griffier R.J. Wesel op 2 december 2025 en is openbaar gepubliceerd.