Eisers vroegen een omgevingsvergunning aan voor het realiseren van tijdelijke huisvesting voor 256 arbeidsmigranten voor tien jaar, welke het college van burgemeester en wethouders van Moerdijk afwees. De rechtbank oordeelt dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom niet aan het beleid voor planologisch strijdig gebruik en parkeernormen zou zijn voldaan.
Het college stelde dat de aanvraag in strijd was met het BPSG-beleid, parkeernormen en overige gemeentelijke kaders. Eisers onderbouwden dat het gebruik tijdelijk is en na tien jaar zal worden beëindigd, en dat voldoende parkeergelegenheid aanwezig is. De rechtbank vindt dat het college niet aannemelijk heeft gemaakt dat de aanvraag strijdig is met de goede ruimtelijke ordening en dat het parkeerbeleid onjuist is toegepast.
Ook constateert de rechtbank dat het college onvoldoende heeft toegelicht op welke onderdelen de aanvraag niet aan de huisvestingsregelgeving voldoet. Het beroep wegens niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk verklaard omdat het college de dwangsom heeft betaald.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt het college op binnen twee maanden een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt het griffierecht en proceskosten aan eisers vergoed.