ECLI:NL:RBZWB:2025:8934

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
15 december 2025
Publicatiedatum
15 december 2025
Zaaknummer
BRE 24/4963
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:5 AwbArt. 6:6 AwbArt. 8:36c AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken gronden en omschrijving bestreden besluit

Belanghebbende heeft op 21 juni 2024 een beroepschrift ingediend zonder de vereiste gronden en zonder een omschrijving of kopie van het besluit waartegen het beroep zich richt. De rechtbank heeft belanghebbende meerdere malen verzocht dit verzuim binnen gestelde termijnen te herstellen, maar belanghebbende heeft hieraan geen gevolg gegeven.

De rechtbank oordeelt dat het ontbreken van de gronden en de omschrijving van het bestreden besluit een fundamenteel gebrek is dat niet verontschuldigbaar is. Op grond van artikel 6:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk, waardoor het bestreden besluit in stand blijft.

Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 15 december 2025 door rechter S.J. Willems-Ruesink. Partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid tot verzet binnen zes weken na verzending van deze uitspraak.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van gronden en omschrijving van het bestreden besluit.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 24/4963

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 december 2025 in de zaak van

[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende.

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van belanghebbende ontvangen op 21 juni 2024.
1.1.
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank komt tot het oordeel dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat belanghebbende de gronden van het beroep niet heeft vermeld en een omschrijving van het besluit waartegen het beroep zich richt ontbreekt. Belanghebbende heeft het verzuim niet tijdig hersteld. De rechtbank legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.
Toetsingskader
3. Iemand die beroep instelt, moet in het beroepschrift de gronden van het beroep vermelden. [1] Dat houdt in: zeggen op welke specifieke punten hij of zij het niet eens is met het bestreden besluit. Daarnaast dient iemand die beroep instelt een kopie van het bestreden besluit bijvoegen aan het beroepschrift. [2] Als dat niet gebeurt, kan de rechtbank na een herstelmogelijkheid het beroep op grond van artikel 6:6 van Pro de Awb niet-ontvankelijk verklaren. [3]
Heeft belanghebbende de gronden tijdig vermeld?
4. Belanghebbende heeft enkel een beroepschrift met de tekst ‘Pro-forma bezwaar, Inzake:’ ingediend. Verder staan er geen beroepsgronden vermeld in het beroepschrift en een omschrijving van het besluit waartegen het beroep zich richt ontbreekt. De rechtbank heeft belanghebbende in haar bericht van 21 juni 2024 verzocht om binnen vier weken dit verzuim te herstellen. De griffier heeft vervolgens op 27 augustus 2024 in het digitaal dossier van belanghebbende een bericht geplaatst. Belanghebbende is hierbij nogmaals in de gelegenheid gesteld om gronden en een omschrijving van het besluit aan te leveren binnen twee weken na dagtekening van het bericht. Van de plaatsing van dit bericht is op dezelfde datum een notificatie aan belanghebbende verzonden naar het door hem voor dit doel opgegeven e-mailadres. Daarom neemt de rechtbank aan dat belanghebbende dit bericht op 27 augustus 2024 heeft ontvangen. [4] Belanghebbende heeft binnen die termijn geen gronden en geen kopie van het besluit ingediend. Belanghebbende heeft de beroepsgronden dus niet tijdig vermeld en een kopie van het besluit niet tijdig ingediend.
Is het niet tijdig vermelden van de gronden en een omschrijving van het besluit verontschuldigbaar?
5. Belanghebbende heeft geen reden gegeven voor dit verzuim. Er is dus geen verontschuldiging voor dit verzuim gebleken.

Conclusie en gevolgen

6. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordeelt en dat het bestreden besluit in stand blijft. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. S.J. Willems-Ruesink, rechter, in aanwezigheid van
mr. W. Dekkers, griffier, op 15 december 2025 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De griffier, De rechter,
De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Dit staat in artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Awb.
2.Dit staat in artikel 6:5, tweede lid, van de Awb.
3.Dit staat in artikel 6:6 van Pro de Awb.
4.Gelet op artikel 8:36c, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).