ECLI:NL:RBZWB:2025:8938
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd inzake verrekening aanslag Zorgverzekeringswet
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de ontvanger van de Belastingdienst inzake de verrekening van een bedrag van € 8,00 met de aanslag Zorgverzekeringswet 2013. De rechtbank heeft belanghebbende geïnformeerd dat de belastingrechter niet bevoegd is om over deze verrekening te oordelen en heeft gevraagd of het beroep werd ingetrokken. Belanghebbende heeft het beroep niet ingetrokken.
De rechtbank heeft vervolgens zonder zitting uitspraak gedaan op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De ontvanger had het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard omdat verrekening van bedragen niet bij voor bezwaar vatbare beschikking plaatsvindt. De rechtbank bevestigt dat de belastingrechter in beginsel niet bevoegd is om te oordelen over beslissingen van de ontvanger op grond van de Invorderingswet 1990, tenzij er een uitzondering geldt. De verrekening van bedragen valt niet onder een uitzondering.
Daarom verklaart de rechtbank zich onbevoegd om het beroep te behandelen. De rechtbank wijst erop dat geschillen over verrekening van bedragen kunnen worden voorgelegd aan de burgerlijke rechter. Partijen is tevens gewezen op de mogelijkheid van verzet binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd om te oordelen over het beroep tegen de verrekening van € 8,00 met de aanslag Zorgverzekeringswet 2013.