ECLI:NL:RBZWB:2025:9160
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken machtiging bij belastingaanslag 2019
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2019. Het beroepschrift is ingediend door een gemachtigde zonder dat een machtiging werd overgelegd. De rechtbank heeft de gemachtigde meerdere malen verzocht het verzuim te herstellen, maar zonder resultaat.
De rechtbank oordeelt dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat de gemachtigde geen geldige machtiging heeft ingediend en dit verzuim niet tijdig is hersteld. Er is geen sprake van verontschuldiging voor het niet overleggen van de machtiging. Hierdoor wordt het beroep niet inhoudelijk behandeld.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en laat het bestreden besluit in stand. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Partijen kunnen binnen zes weken verzet instellen tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een machtiging van de gemachtigde.